Vragen aan de auteur
De volgende vragen zijn aan de auteur gesteld:
- Waarom blijft u zo op de achtergrond en treedt u niet in de publiciteit?
- U stelt dat binnen het Nieuwe Verbond een gebod op ontucht bestaat. Wat verstaat de Bijbel volgens u onder ontucht?
- Wat vindt u van de recente verklaring van het Vaticaan inzake het weren van homoseksuele priesters van de priesteropleidingen?
- Verwacht u dat uw boek enige invloed zal hebben op de inzichten bij het Vaticaan?
- In de homowereld wordt Paulus vaak gezien als de grote boosdoener ten aanzien van het homobeleid van de RK Kerk, terwijl u hem juist aanvoert als een groot voorbeeld. Kunt u dit nader toelichten?
- In uw boek stelt u dat Jezus bijzondere gevoelens had voor de apostel Johannes, terwijl Dan Brown in zijn boek De Da Vinci Code beweert dat Jezus was getrouwd met Maria Magdalena en zelfs een (halfgoddelijk) kind met haar had. Wie heeft er nu gelijk?
1. Waarom blijft u zo op de achtergrond en treedt u niet in de publiciteit?
Ik mag dan inmiddels auteur zijn, ik ben ook een hele gewone doorsnee man die gewoon rustig zijn leven wil leiden zonder al teveel toestanden. Ik wil niet graag door jan-en-alleman op straat herkend worden als “Bekende Homo”: ik krijg daar geen warme gevoelens bij omdat dit op zichzelf geen bijzondere verdienste is. Ik ben gewoon als homo geboren en that’s it. Bovendien zou ik dan wellicht ook in het openbaar moeten discussiëren over het thema van het boek en de persoonlijke wijze waarop ik hierover schrijf. Ik zou dan in het openbaar over mijn gevoelens, mijn seksualiteit, mijn seksuele gedrag en andere privé-aangelegenheden moeten praten. Als u zichzelf in die situatie probeert te verplaatsen, kunt u zich misschien voorstellen dat dit niet bijzonder aanlokkelijk is en verder ook weinig toevoegde waarde zal hebben.
Daarnaast ben ik ook mede-eigenaar van een technisch bedrijf met 15 mensen in dienst en vele klanten die niets weten van mijn seksuele geaardheid, hetgeen ik liever ook maar zo wil houden. Een aantal van hen is namelijk nogal streng gereformeerd en ik weet niet hoe zij zouden reageren wanneer bekend wordt dat ik mij - in de hoedanigheid van auteur van dit boek - tegen hun vaak diep gewortelde overtuiging lijk te keren. Het serieuze risico bestaat dat een aantal van onze klanten afhaakt, hetgeen tot verminderde omzet in ons bedrijf zou kunnen leiden en zelfs tot ontslag van een aantal medewerkers, waarvoor we dan immers geen werk meer hebben. Omdat mij dit vervolgens - en mogelijk deels terecht - persoonlijk verweten zou kunnen worden, zou ik bovendien aansprakelijk gesteld kunnen worden voor het verlies aan inkomen van deze voor mij dierbare medewerkers. Een dergelijk risico wil ik daarom niet nemen. Het is dan immers niet langer mijn eigen risico maar ook het risico van mijn medewerkers, waar zij echter geen invloed op hebben kunnen uitoefenen.
Echter: moet dit alles dan betekenen dat ik het boek niet had moeten schrijven? Ben ik verplicht om in de publiciteit te treden omdat ik het gewaagd heb een boek over dit thema te schrijven? Ik denk zelf van niet. Wie het boek heeft geschreven is immers niet erg relevant, wat mij betreft gaat het vooral om de inhoud en die wil ik u niet onthouden.
2. U stelt dat binnen het Nieuwe Verbond een gebod op ontucht bestaat. Wat verstaat de Bijbel volgens u onder ontucht?
In mijn ogen wordt in de Bijbel met 'ontucht' pure fysieke seks bedoeld, dus zonder gevoel van liefde. Wat voor iemand ontuchtig is, is derhalve in beginsel een persoonlijke zaak. Elk mens weet zelf immers het beste wanneer het verlangen naar intimiteit is ingegeven vanuit gevoelens van liefde (geven) of vanuit gevoelens van pure wellust (nemen). Indien seksueel contact plaatsvindt vanuit wederzijdse gevoelens van liefde en met volledige wederzijdse instemming, dan hoeft dit op bijbelse gronden derhalve niet als ontuchtig te worden betiteld.
Seksueel misbruik, seks onder dwang of seks om de seks zonder liefdevol motief, dient op bijbelse gronden echter als ontucht te worden gekenschetst.
3. Wat vindt u van de recente verklaring van het Vaticaan inzake het weren van homoseksuele priesters van de priesteropleidingen?
Feitelijk heeft het Vaticaan met deze verklaring niet zo heel veel nieuws naar buiten gebracht. Het heeft in eerste instantie vooral met het celibaat te maken, en veel minder met de geaardheid van het individu in kwestie. Dat het celibaat daarbij in dezelfde mate geldt voor homoseksuele als voor heteroseksuele priesters zal niemand verbazen.
Het is echter jammer dat het Vaticaan zo de nadruk heeft gelegd op homoseksuele priesters, maar is tegelijkertijd misschien ook enigszins te begrijpen omdat men nu eenmaal erg bang is dat wereldwijd steeds meer homoseksuele priesters uit de kast willen en zullen komen. Je zou zelfs kunnen stellen dat er waarschijnlijk een stuwmeer van homoseksuele priesters bestaat dat naar buiten zal willen treden zodra de deur op het kleinst mogelijke kiertje wordt gezet. Omdat het Vaticaan zich dit kennelijk erg goed realiseert, legt dit grote druk op de zaak en gaat men er net iets té overspannen mee om.
Beter is het daarom de discussie te richten op het celibaat in het algemeen. Maar ook hier zal het Vaticaan strak aan de regels willen vasthouden omdat het loslaten ervan tot exact hetzelfde probleem zal leiden, namelijk het leeglopen van het stuwmeer aan homoseksuele priesters wereldwijd.
Misschien zouden we daarom moeten proberen te begrijpen voor welke problemen de RK Kerk zich thans wereldwijd geplaatst ziet, en waartoe een liberale houding ten aanzien van homoseksualiteit zou kunnen leiden. Niet elke afdeling van de RK Kerk is immers zo 'progressief' als de Nederlandse.... We hoeven alleen maar naar de Anglicaanse Kerk te kijken: deze andere zeer grote christelijke wereldkerk verkeert momenteel immers in een grote crisis - één land heeft zich reeds afgesplitst - als gevolg van haar liberale houding ten aanzien van homoseksualiteit. We zouden ons daarom eens goed moeten afvragen wat we zélf zouden doen als we op de plek van Benedictus XVI zaten. In mijn boek ga ik hier nog veel verder op in.
Overigens dienen we ons in de discussie rondom het celibaat ook af te vragen wat het celibaat nu precies inhoudt. In tegenstelling tot wat vele mensen denken betekent het celibaat namelijk niet dat de priester in kwestie zich dient te onthouden van seksuele relaties. Het celibaat stelt alleen dat de hij ongehuwd moet blijven, en zich dus niet duurzaam mag binden aan een andere persoon, omdat hij dan niet langer volledig beschikbaar en inzetbaar is voor zijn parochie. Om deze reden worden dan ook veel relaties van priesters, hetero- dan wel homoseksueel, oogluikend toegestaan. Pas als men gaat samenwonen wordt het anders. In dat geval bindt men zich immers duurzaam aan een ander - als ware men gehuwd - en gaat men duidelijk in tegen de belofte van het celibaat.
4. Verwacht u dat uw boek enige invloed zal hebben op de inzichten bij het Vaticaan?
Het is niet mijn primaire streven om het Vaticaan van inzicht te doen veranderen. Beter is het om te trachten om de mensen die samen de Kerk vormen, van inzicht te doen veranderen: het bestuur van de Kerk zal dan immers als vanzelfsprekend volgen.
U kunt dit vergelijken met het gedrag van een kudde schapen. Zoals u weet bestaat een kudde schapen meestal uit vele schapen, één herder en één hond. De herder - in dit geval de Paus of het Vaticaan – zal tussen zijn schapen moeten blijven lopen, en kan het zich niet permitteren om ver daarvoor uit te gaan. Als hij dat toch doet is het immers snel gedaan met de kudde: de hond kan het werk niet meer aan en de kudde valt uiteen. Als je dus beweging in de kudde wilt krijgen heeft het niet zoveel zin om op de herder te jagen. Veel beter en effectiever is het om te trachten om van buitenaf de schapen op te jagen en tot snelheid te manen, hetgeen de herder zelf immers niet kan doen. Hij kan zich zelfs een poging daartoe niet permitteren.
Ik zie mijzelf als schrijver van dit boek daarom in de rol van de hond geplaatst, die zo snel mogelijk zoveel mogelijk schapen wil bereiken om de kudde in beweging te krijgen: als er één schaap over de dam is, volgen er immers meestal meer. Dit is dan ook de reden dat de verspreiding mede via het snelle internet dient te gaan. Niet om het Vaticaan te bestrijden, maar om ze te ondersteunen in haar streven om de Kerk één kerk van mensen te laten zijn.
De vergelijking van de Kerk met een kudde schapen gaat overigens niet helemaal op. In werkelijkheid is de situatie uiteraard veel complexer en bestaat de kudde uit vele 'deelkuddes' die allemaal een eigen kant op lijken te willen gaan. Bovendien zijn er ook nog meerdere honden die deze deelkuddes elk een andere kant op willen drijven en daarbij vaak ook elkaar bestrijden. Hoe kan één herder een dergelijke situatie op de juiste wijze het hoofd bieden en daarbij ook nog eens iedereen tevreden stellen?
5. In de homowereld wordt Paulus vaak gezien als de grote boosdoener ten aanzien van het homobeleid van de RK Kerk, terwijl u hem juist opvoert als een groot voorbeeld. Kunt u dit nader toelichten?
Zoals ik in mijn boek uiteenzet, is Paulus de eerste gewone sterveling die het Nieuwe Verbond van God met de mensen werkelijk heeft begrepen en daarin zelfs de grote apostel Petrus de les las. Vooral door toedoen van Paulus zijn we daarom tijdens het Concilie van Jeruzalem in het jaar 49 verlost van de oude Joodse wetten (zie de videofragmenten elders op deze site), waaronder dus alle oudtestamentische, met uitzondering van de Geboden. En hoewel de levitische wetten - die “omgang met een man, zoals met een vrouw” verbieden - feitelijk al door Mozes zelf waren afgeschaft – vlak voordat de Israëlieten het Beloofde Land introkken - zijn ze in elk geval door Paulus ongeldig verklaard, samen dus met vrijwel alle overige oude Joodse wetten. Paulus gaf het Nieuwe Verbond daarmee een duidelijk wettelijk kader, en zoals we weten had Petrus van Jezus de taak gekregen om e.e.a. daadwerkelijk uit te voeren binnen de Kerk.
Verder wordt de brief van Paulus aan de Romeinen (vooral Rom 1, 26-27) vaak gebruikt als ultiem bijbels bewijs dat homoseksualiteit intrinsiek onnatuurlijk en dus ongeordend zou zijn. Met het gebruik van het woord “onnatuurlijk” door Paulus binnen de context van deze brief is echter niets mis. Het beschrijft immers het homoseksueel geörienteerde wellustige gedrag van getrouwde heterofiele mannen waar God ze bij wijze van straf aan had overgelerd, van nature zouden deze heteroseksuele mannen deze vorm van homoseksuele ontucht namelijk niet hebben gepleegd. De reden dat God ze aan deze straf onderwierp vormde het ingaan tegen het Eerste Gebod: Ik ben de Heer uw God, vereer naast mij geen andere goden. Genoemde gevallen gelovigen hadden God immers gekend en afgewezen. Met de afkeuring van uitingen van (homofiele) liefde heeft genoemd fragment echter helemaal niets te maken.
Geconcludeerd moet dus worden dat Paulus nog steeds niet goed wordt begrepen. Een eerherstel voor Paulus is daarom - vooral onder christelijke homoseksuelen - zeer op zijn plaats. Hij zou onze grote held moeten zijn in plaats van onze grote vijand.
6. In uw boek stelt u dat Jezus bijzondere gevoelens had voor de apostel Johannes, terwijl Dan Brown in zijn boek De Da Vinci Code beweert dat Jezus was getrouwd met Maria Magdalena en zelfs een (halfgoddelijk) kind met haar had. Wie heeft er nu gelijk?
Het boek De Da Vinci Code van Dan Brown is een zeer spannende thriller die je eigenlijk gelezen zou moeten hebben om de soms heftige discussies omtrent dit boek goed te kunnen plaatsen. De beweringen van Dan Brown ten aanzien van een huwelijk tussen Jezus en Maria Magdalena zijn echter niet op feiten gebaseerd en worden dan ook door zeer veel bijbelhistorici naar het land der fabelen verwezen. Verschillende televisieprogramma's zijn hier reeds uitvoerig op ingegaan en telkens blijkt weer dat Dan Brown gewoon een spannend boek heeft geschreven met een zeer controversieel thema. Of je het kunt waarderen dat hij daarbij Jezus als commercieel mikpunt heeft gekozen, is een kwestie van smaak.
Het aardige van het boek van Brown is echter dat hij stelt dat Jezus een halfgoddelijk kind zou hebben gehad, hetgeen in feite niets minder is dan de impliciete herbevestiging van het feit dat Jezus - als Zoon van God - inderdaad Goddelijk is. Dan Brown is dan ook beslist een overtuigd Christen en hij zal de status van Jezus als Zoon van God nooit willen betwisten. Sterker, uit zijn boek blijkt juist daardoor een zeer sterke band met het fundament van het christelijke geloof.
In mijn boek Onze liefde is goed.nl wordt daarentegen gesteld dat Jezus bijzondere gevoelens had voor Johannes. Niet omdat me dat goed uitkomt vanwege het thema van mijn boek, maar simpelweg omdat dit feit overduidelijk in de Bijbel staat (in het Evangelie van Johannes), alsmede vanwege het feit dat zelfs het Kerkelijk Gezag bevestigt dat het Johannes is 'van wie Jezus hield' .
Maar stel nu eens dat het Evangelie van Johannes géén onderdeel had uitgemaakt van de Bijbel zoals we die nu kennen, en dat dit evangelie pas onlangs weer was opgedoken, net zoals bijvoorbeeld de recentelijk herontdekte evangeliën van bijvoorbeeld Thomas en Judas. Welnu, neemt u gerust van mij aan dat een eventuele herontdekking van dit Evangelie van Johannes de Kerk zeer waarschijnlijk volledig op zijn kop had gezet. Vanwege haar zeer gevoelige en bovendien authentieke inhoud had dit evangelie immers potentieel een veel grotere bedreiging voor de Kerk gevormd dan eerdergenoemde leuk bedachte reli-thriller van Dan Brown.
Alleen in het Evangelie van Johannes staat immers zwart-op-wit dat Jezus van een man hield, te weten Johannes ('de leerling van wie Jezus hield'), en om die reden rustte Johannes dan ook 'aan het hart van Jezus' tijdens het Laatste Avondmaal, welk tafereel overigens fantastisch is geschilderd door Leonardo da Vinci.
Verder staat nergens in de Bijbel dat Jezus bijzondere gevoelens zou hebben gehad voor een vrouw, wat Dan Brown daarover ook denkt te moeten beweren. Indien het Evangelie van Johannes aldus daadwerkelijk recentelijk herontdekt zou zijn geweest, dan hadden deze beide aspecten onherroepelijk geleid tot een prachtige complot-theorie waarin Het Vaticaan er ongetwijfeld zeer ernstig van zou worden beticht het Evangelie van Johannes te hebben willen vernietigen omdat 'uiteraard' niet naar buiten mocht komen dat Jezus van een man (!) zou hebben gehouden.
Niets is echter minder waar. Feit is namelijk dat het Evangelie van Johannes gewoon deel uitmaakt van de officiële Bijbel en dat de feiten die hierin zijn opgetekend vanuit een christelijk oogpunt dus gewoon voor waar mogen worden aangenomen. Dit is dan ook de enige juiste reden om te aanvaarden dat kennelijk niets menselijks Hem vreemd was, en dus zelfs de mens Jezus bijzondere gevoelens van liefde kende voor een ander individu. In dit geval echter niet voor een vrouw maar voor een man....